top of page

1 minuut

A vuist - jagen - presteren - competitie

B strakke hand - nieuw - gevaar - stress

C slappe hand - zorg - herstel - sociaal

 

Noodzakelijke informatie

Hier op deze pagina gaat het om de handen test en je lichaamsbewustzijn.

Een test met je hand terwijl je je probleem uitspreekt.

Voelt dit dan meer als een vuist, een strakke hand of een slappe hand.

Je hand is geeft de richting van je energie aan.

De plak in je lichaam is een aanwijzing van je probleem.

Doe altijd de handtest.

De basistemperatuur en het tempo in je lichaam wordt in eerste instantie geregeld door een samenwerking tussen je brein, je longen en je hart. 

Waar in je lichaam is bewustzijn, waar voel je iets als je aan dit probleem denkt.

Zit dit meer in je knie of in je schouder of misschien toch meer in je buik....

Steek je beide armen wijd boven je hoofd en open je handen.

Probeer nu eens boos te reageren.... Dit gaat niet.

Je lichaam is ook je emotie, het is ook je beleving.

Welke lichamelijke reactie herken je.

Spierkramp voelt anders dan kippenvel en zweten, en dat voelt weer anders dan misselijkheid of honger.

Misschien ervaar je wel seksuele drift.

Wat en waar hoort dat meer bij..

In je zintuigen of zenuwen, je botten of meer in je spijsvertering

Wanneer je kunt herkennen waar je lichaam het sterkst reageert bij een probleempatroon heb je je trigger te pakken. Fantastisch.

De volgende keer dat je daar weer iets voelt heb je dikke kans dat je patroon zich aandient en kun je hem herkennen en erop anticiperen.

En als je dat gevoel verplaatst naar je hand is dat dan een vuist een gespannen hand of een slappe hand... 

20211214_124520.jpg
20211214_124548.jpg
20211216_141334_edited.jpg

Adem reset.

Een lichamelijke ziekte/vorm/uiting is net als een verslaving niet je probleem maar hoe je lichaam omgaat met je probleem.

Je lichaam reageert op deze manier op je probleem.

Er is dus iets anders een probleem waardoor je lichaam op deze manier reageert..

Ziekte is ook een lichamelijke reactie. Je zou het kunnen zien als het resultaat van een probleempatroon. Het is hoe je lichaam op een bepaalde situatie reageert.

Je lichaam heeft de neiging om dat wat goed voelde te herhalen.

Dus als die situatie goed voelde en een dopamine rush gaf (ik wil meer) zal je lichaam zich dat herinneren wanneer je het nodig hebt om je wat meer als in die rush te voelen. Wanneer er een ander hormoon (emotie) bijkomt zoals bijvoorbeeld cortisol kan er een verslaving ontstaan.

Cortisol geeft namelijk het signaal "het moet nu"!

Je lichaam zal echter altijd terug gaan naar die "basis" die je normaal gesproken voelt en de dopamine receptoren zullen steeds minder gevoelig worden. Je zult dus steeds meer nodig hebben om de receptoren weer ontvankelijk te maken.

Andersom kan cortisol in het serotonine niveau naar beneden drukken.

Die combinatie kan je dus depressief maken.

Werk dus aan je basisprobleem.

Ga onderzoeken in welke situaties dit zich is gaan ontwikkelen. 

Wanneer er sprake is van chronische pijn spreken we vaak van hangende heling.

Er is dan iedere dag opnieuw weer iets wat je triggert en oplost zodat je elke nacht middels pijn in genezing gaat.

Doe de handtest.

Als je je probleem uitspreekt komt het dan dichter bij A een vuist, B een strakke hand of C een slappe hand.

KIES nu waar jouw probleem meer bij thuishoort

A vuist - jagen - presteren - Dopamine

B strakke hand - nieuw - gevaar - Cortisol

C slappe hand - zorg - herstel - Serotonine

LICHAMELIJKE KLACHTEN

Klachten kunnen ontstaan tijdens een probleem. Het kan door spanning in het lichaam of een gebrek aan lichamelijk contact maar ook door de oplossing van een probleem.

Je lichaam reageert.

Doordat je een probleem opgelost hebt gaat je lichaam opnieuw weer anders werken of opruimen.

Dit kan tijdelijk weer klachten geven.

Bedenk dus of deze symptomen de brandweer mannen zijn die de brand (symptomen) komen blussen of dat dit de brandt is... Bacteriën worden vaak niet herkent als "brandweermannen"...

Het werkelijke probleem wat aangepakt moet worden zit in de samenhang...

 

Zijn er probleem gebieden in je lichaam dan is het altijd helend om daar naar toe te ademen.

Blijf er met je volle aandacht bij en adem er naar toe.

Je longen en je hart zijn altijd betrokken bij stress.

Zij regelen o.a. het tempo en de temperatuur die nodig is.

Aanvullende informatie

In de evolutie zijn we steeds specialistischer geworden.

Cellen zijn gaan samenwerken en uitgegroeid tot clusters en systemen en patronen die samen werken en reageren op hun omgeving.

De systemen die ooit heel simpel naast elkaar werkten zijn in de loop van de ontwikkeling geheel verweven maar sommige kunnen we nog wel terug vinden.

Bijvoorbeeld Ectoderm, Mesoderm en Endoderm.

Je kunt ze misschien ook voelen met de handtest.

Als embryo ontwikkeld je lichaam zich vanuit deze drie lagen.

Deze lagen vermengen zich en hebben elk hun eigen specialisatie.

Ook elk orgaan is opgebouwd uit deze drie lagen.

Het is soms niet gelijk duidelijk is welke laag betrokken is bij een klacht.

Toch reageert je lichaam op een probleem vanuit de laag A, B, C die bij een bepaald probleem hoort.

A Plaveiselepitheel.

Zeg maar de buitenkant van mond tot kont.

Het zenuw-zintuigstelstel met hersenen en huid met beelden en gedachten en adem (ectoderm).

Zetelt waarschijnlijk m.n. in de Hypothalamus. Het coördinerende centrum van het autonome zenuwstelsel. Ritme (slaap, honger, dorst, adem, lichaamstemperatuur en afgifte hormonen uit de hypofyse)

Hiervoor zijn met name neuronen erbij betrokken.

Versterkte zuurstofopname. 

Dit systeem is min of meer elektrisch en op celniveau helpt de axon de prikkel van de celkern af.

In je afweer reageer je hier vaak met je huid of je adem. Het is sterk bepalend voor je denken en je beelden. 

Er is vaak behoefte aan koolhydraten.

In deze toestand spelen dopamine en nor adrenaline een sterke rol.

Dopamine werkt hier als: "Dit voelt goed, ik wil meer".

bij conflicten wordt er herstelweefsel aangemaakt.

Op DNA niveau is dit de suikergroep. (??)

B Bindweefsel.

Zeg maar alles wat tussen die twee andere lagen zit.

B Het skelet met bot-been-bindweefsel en spieren (mesoderm).

Zeg maar alles wat tussen die twee lagen zit.

Zetelt waarschijnlijk m.n in de Amygdala. Tempo (geleiden / afremmen)

Haperende adem.

Hiervoor is met name vet nodig.

Dit systeem min of meer biochemisch en op celniveau is het de myeline die beschermt en helpt om de prikkel te vervoeren. 

Dit systeem werkt min of meer met uitvouwen.

In je afweer reageer je hier vaak met je neus en longen. 

Er is vaak behoefte aan vetten.

Cortisol werkt hier als: "Ik moet mijn beloning nu".

De combinatie van Cortisol en Dopamine geeft de kans op verslaving.

In deze situatie spelen endorfine en cortisol een rol.

OP DNA niveau is dit 1 van de 4 stikstofhoudende basen (??)

A=adenine, G=guanine, C=cytocine, T=thymine

C Klierweefsel.

Zeg maar de binnenkant van mond tot kont.

De stofwisseling-spijsvertering met organen(endoderm). 

De stofwisseling-spijsvertering met alle interne organen zoals hart, nieren ingewanden (endoderm). 

Zetelt waarschijnlijk m.n. in de Hippocampus. Herinneren - geheugen (vasthouden-loslaten).

zijn met name eiwitten nodig en hormonen bij betrokken.

In je afweer reageer je hier vaak met je maag(zuur) en darmen. 

Er is vaak behoefte aan eiwitten.

Vertraagde uitademing.

Dit systeem werkt min of meer magnetisch en op celniveau is het de

dendriet die helpt de prikkel naar de celkern toe te krijgen.

In deze situatie spelen oxytocine en serotonine een rol.

Serotonine werkt hier als: "Dit voelt goed, ik heb voldoende".

Wanneer het Serotonine niveau door toevoeging van Dopamine te ver naar beneden gaat loert een depressie.

Bij conflicten wordt er hulpweefsel aangemaakt.

Op DNA niveau gaat het hier over de fosfaatgroep (??).

Uitgebreide informatie hierover kun je vinden op bijvoorbeeld www.germaansegeneeskunde.nl of www.germanische heilkunde.nl of www.biologikanederland.nl

Zij beschrijven uitgebreid de 5 biologische wetten.

1 Ziekte ontstaat na een inslag. 2 De inhoud van een conflict bepaald welk orgaan betrokken wordt.    3 Programma's spelen zich altijd af in de psyche/hersenen en organen. 4 Virussen en bacteriën hebben hun plek en functie in het lichaam. 5 Alle processen zijn zinvol, noodzakelijk en voorspelbaar.

Voor hier is het belangrijk om te weten of je ademhaling hoog en snel (waarschijnlijk) A - laag en traag (waarschijnlijk) C of iets daar tussen in bijvoorbeeld haperend (waarschijnlijk) B.

20211216_141334_edited.jpg
20211214_124548.jpg
20211214_124520.jpg

Hormonen

A Verhoging van Dopamine zorgt voor; "Dit voelt goed, ik wil meer".

B Verhoging van Cortisol zorgt voor; "Dit voelt goed, ik wil het nu!".

C Verhoging van Serotonine zorgt voor; "Dit voelt goed, ik ben voldaan".

Combinatie van Dopamine en Cortisol geeft kans op verslaving.

Combinatie van Serotonine en Cortisol geeft kans op depressie.

20221212_190244.jpg
  • Beschrijf de situatie die je als probleem ervaart.
    Het gaat om een voorlopige beschrijving van je probleem. Je kunt altijd weer bijstellen. Je beschrijft de (soort) situatie die je als probleem ervaart. In een probleempatroon is er ook vaak een trigger. Een trigger die maakt dat je in je probleempatroon komt. Een trigger is dus niet het probleem maar datgene wat maakt dat je iets bijna automatisch gaat doen. Bijvoorbeel; Je hebt een nare ervaring terwijl je ijs aan het eten bent. Het ijs kan dan jaren daarna nog steeds zorgen voor hoofdpijn. Niet omdat het ijs hoofdpijn veroorzaakt maar omdat er een onverwerkt probleempatroon achter zit.
  • Beschrijf de wens die je bij deze situatie hebt.
    Je zit in een situatie en wilt wat anders, je wilt iets wel of niet herhalen of je wilt anders zijn/doen. Je wilt die... (ontsteking, eenzaamheid, baan, kilo's, relatie etc.) kwijt en...(blij, tevreden, aktief, veilig, gezond) zijn. Daar zit je wens. Beschrijf dit zo concreet mogelijk. Vertel het filmisch. Kun je het voordoen. Kun je het nadoen.
  • Beschrijf het verschil tussen die situatie en die wens.
    Er is iets dat er voor zorgt dat je wens nog niet gerealiseerd is. Het verschil tussen je situatie en je wens is je probleem. Er is dus iets wat maakt dat je je wens niet realiseert..... Bij een terugkerend probleem of overkoepelende situaties is er een aanleiding tot dat probleem. Dat is je trigger.
  • Beschrijf dit probleem nu in 1 zin en begin die zin met; "Ik.....""
    Door het in 1 zin te formuleren maak je het overzichtelijk en door te beginnen met "ik (heb een probleem met)" neem je verantwoording. Iemand anders veranderen zal je niet lukken zolang jij hetzelfde blijft doen. Werk dus aan je eigen probleem (eventueel met die ander). Dus wat je zelf ervaart, voelt, denkt of doet. Soms werkt het goed om de eerste gedachte als je wakker wordt uit te werken als probleem.
  • Als je dit terug brengt naar de drie oerproblemen in de biologie waar lijkt dit probleem dan het meest op.
    A= Territorium-Positie B= Eigenwaarde-Integriteit C= Hechten- Loslaten A De energie voor territorium kan bijvoorbeeld gaan over de grond waar je op leeft maar ook over taken die je tot jouw terrein beschouwd. Je kunt het letterlijk en figuurlijk nemen. Je rol in het gezin, op je werk of in je sociale situatie zou bijvoorbeeld positie /territorium kunnen zijn. Maar ook ergens gescheiden worden of juist willen zijn. Zeg maar jager of prooi. B De energie voor eigenwaarde/identiteit heeft meer te maken met wie je bent en wie je zou willen zijn/worden. Kun je wat je nodig hebt. Zeg maar gevaar of nieuwigheid. Past jouw vorm, persoonlijkheid bij je situatie. C De energie voor hechten heeft meer te maken met iets toelaten als bij jou passend of juist niet. Iets wel of niet innemen/aannemen letterlijk of figuurlijk. Of juist iets achter je laten omdat het niet goed voor je is. Afsluiten. Past jouw tempo bij deze situatie. Een letterlijke of figuurlijke brok. Zeg maar zorg en vertering.
  • Welk doel zou je energierichting moeten hebben.
    Dit probleem ga je doelgericht aanpakken waarbij je energie de juiste richting moet hebben. Welke richting heeft jouw energie bij dit probleem. A= Focus of niet. B=Verkenning of niet. C=Verbinding of niet.
  • Wanneer is een acuut conflict actief of opgelost
    Trauma; Je voelt in de eerste fase dat er kou is in je handen, de top van je neus, je voeten. Je slaapt slecht en voelt weinig behoefte aan eten. Wanneer je je trauma oplost kan het zijn dat je je even ziek gaat voelen omdat het lichaam zich weer gaat instellen op terugzetten naar normaal. Het hulpweefsel wordt weer afgevoerd en dat gaat vaak gepaard met ontstekingen. Je voelt warmte, soms klachten en pijn. Deze fase heeft vaak nog een piek en daarna ga je terug naar veilig, naar normaal. Trigger; Je hebt duidelijk welke associatie het hier betreft en naar welk patroon dit verwijst. Patroon; Je hebt helder wat je lichamelijke reactie, emotie, denken en gedrag hierin is en waarin je nu congruent bent of waar er sprake is was van cognitieve dissonantie Spoor; De herhaling van dit patroon en welke triggers er zijn is duidelijk en is te herleiden naar het oorspronkelijke trauma. Je kunt nu werken aan een beter scenario in visualisatie. Een oud conflict is opgelost als je er om kunt lachen.
20211216_141334_edited.jpg

Zenuw zintuig 

20211214_124548.jpg

Bind, bot en beenweefsel

20211214_124520.jpg

Spijsvertering stofwisseling

bottom of page